Organiseren van individuele, cliëntgeoriënteerde activiteiten

  📧
Organiseren van individuele, cliëntgeoriënteerde activiteiten
Je bent er bijna Terug
Een-op-een
Facility & overig

Zó wordt het een succes

  • Peil de beginsituatie: wat weet de student al van deze taak?
  • Vraag de student om de opdracht zelf goed door te lezen: vraag daarna om een samenvatting in eigen woorden.
  • Licht de opdracht toe in hapklare brokken: wees duidelijk over de diverse onderdelen van de opdracht. 
  • Benadruk dan de kritieke onderdelen van de opdracht: leg uit waar de student op zal moeten letten.
  • Wees transparant en open: vertel welke beoordelingscriteria op deze opdracht van toepassing zijn.
  • Geef gelegenheid om vragen te stellen: spreek af op welke manier je terugkijkt op de opdracht. Wie neemt het initiatief?

Begeleiders info

De student:

  • heeft zich op passende wijze op de opdracht voorbereid.
  • heeft methodisch gewerkt: stap voor stap en in een juiste, doelmatige volgorde.
  • heeft zijn werkzaamheden aan de omstandigheden aangepast.
  • heeft de handelingen goed uitgevoerd. Eventuele foutjes of onvolkomenheden zijn binnen een aanvaardbare marge.
  • heeft de voorgeschreven, kritieke onderdelen uitgevoerd. In dit geval, het doen van een activiteit met een cliënt in een standaard, veelvoorkomende situatie.

Houding tijdens de opdracht

De student:

  • heeft een proactieve en flexibele houding. 
  • kan inspelen op de behoefte en verwachtingen van de interne en externe klant.
  • past passende omgangsvormen toe.
  • toont een actieve en initiatiefrijke (werk-)houding.
  • kan schakelen tussen de verschillende werkomgevingen en werkzaamheden.
  • heeft inzicht in zijn rol binnen het gehele proces en kan situationeel communiceren.
  • overziet de consequenties van zijn handelen op korte termijn.
  • gaat discreet met gevoelige informatie om en voert zijn werkzaamheden zorgvuldig uit.
Situatie

De bewoners van Careyn kunnen hun activiteiten meestal niet zelfstandig doen. De zorgverleners op de afdeling hebben behoefte aan ondersteuning bij het organiseren en uitvoeren van activiteiten. Let op! De organisatie van de activiteit(en) vraagt de nodige voorbereiding. Als je samen met een cliënt even een rondje loopt op de afdeling, heb je natuurlijk geen draaiboek nodig. Je gebruikt wél een draaiboek bij activiteiten die wat moeilijker zijn, zoals een spelmiddag of knutselactiviteit.

Wat moet je doen
  1. Stel vragen en zoek uit welke activiteiten bij de doelgroep van jouw locatie passen. Hierbij kun je denken aan vragen als:
    • Welke activiteiten vinden cliënten prettig? Welke niet?
    • Doe je die met één cliënt, met een tweetal of met een groep?
    • Wat past goed bij de lichamelijke, psychische en sociale vermogens van de cliënt?
    • Welke voorbereiding is onmisbaar?  Weten de cliënten hoe laat de activiteit begint? Moeten cliënten worden opgehaald? Zo ja, wie doet dat? Weten de cliënten wat er van hen wordt verwacht?
    • Is er specifieke deskundigheid nodig, bijvoorbeeld van de zorgverlener? Zijn andere betrokkenen op de hoogte en welke afspraken zijn nodig?
  2. Spreek met je begeleider af welke activiteit je gaat doen. Spreek ook af met welke cliënt en in welke ruimte je de activiteit doet. En als het even tegenzit? Wat moet je dan doen?
     
  3. Voer de activiteit uit. Bereid de activiteit goed voor; zorg dat eventuele materialen aanwezig zijn. Kies een geschikte plek en wees duidelijk wat je van je begeleider tijdens het uitvoeren van de activiteit verwacht.
     
  4. Activiteit gedaan? Rond dan netjes af en vraag je begeleider om feedback.
Voldoende
  • Je hebt initiatief getoond door vragen te stellen.
  • Je hebt de bedrijfsrichtlijnen opgevolgd bij het voorbereiden en uitvoeren van de activiteit.
  • Je hebt de ruimte voorafgaand gecheckt op valgevaar e.d.
  • Je hebt de benodigde materialen klaargezet voor gebruik.
  • Je hebt je werkwijze aangepast aan onvoorziene omstandigheden, zoals drukte of tijdsdruk.
  • Je hebt veilig en ergonomisch gewerkt.
  • Je hebt cliënten op passende wijze geactiveerd, ondanks eventuele beperkingen.
tot 60 min.
*
Alle leeftijden

Hoe ging het?

Opdracht gedaan? Top! Beantwoord de vragen die hieronder staan. We raden je aan om de vragen en je antwoorden te bespreken met je begeleider. Daarna kan je hem aan jezelf mailen.


Gebruik maximaal 140 tekens

Alle vragen ingevuld?

Je kunt de antwoorden mailen; een soort bewijs dat je goed op de opdracht hebt teruggekeken. Stuur de antwoorden altijd naar jezelf. Wil je jouw begeleider of anderen informeren? Je kunt meerdere e-mailadressen toevoegen.

Ja, ik verklaar dat ik deze opdracht ook daadwerkelijk heb uitgevoerd. Met andere woorden: ik heb deze opdracht gedaan. De vragen die ik zojuist heb beantwoord, vormen een goede weergave van mijn ervaringen. In een begeleidingsgesprek, ook als dit pas later bijvoorbeeld op school plaatsvindt, ben ik bereid om mijn antwoorden toe te lichten. Mijn werkbegeleider is op de hoogte gebracht van deze opdracht.