Agenda voor een (werk)overleg opstellen

  📧
Agenda voor een (werk)overleg opstellen
Je bent er bijna Terug
Puntsgewijs in gesprek
Begeleiding

Zó wordt het een succes

  • Peil de beginsituatie: wat weet de student al van deze taak?
  • Vraag de student om de opdracht zelf goed door te lezen: vraag daarna om een samenvatting in eigen woorden.
  • Licht de opdracht toe in hapklare brokken: wees duidelijk over de diverse onderdelen van de opdracht. 
  • Benadruk dan de kritieke onderdelen van de opdracht: leg uit waar de student op zal moeten letten.
  • Wees transparant en open: vertel welke beoordelingscriteria op deze opdracht van toepassing zijn.
  • Geef gelegenheid om vragen te stellen: spreek af op welke manier je terugkijkt op de opdracht. Wie neemt het initiatief?

Houding tijdens de opdracht

De student:

  • heeft een proactieve en flexibele houding. 
  • kan inspelen op de behoefte en verwachtingen van de interne en externe klant.
  • past passende omgangsvormen toe.
  • toont een actieve en initiatiefrijke (werk-)houding.
  • kan schakelen tussen de verschillende werkomgevingen en werkzaamheden.
  • heeft inzicht in zijn rol binnen het gehele proces en kan situationeel communiceren.
  • overziet de consequenties van zijn handelen op korte termijn.
  • gaat discreet met gevoelige informatie om en voert zijn werkzaamheden zorgvuldig uit.
Situatie

Overleggen dat doe je eigenlijk de hele dag door. Even snel bespreken hoe je iets oplost of welke afspraken er ook al weer golden. Toch is het ook nodig om af en toe even echt gericht bij elkaar te komen om de tijd te nemen om lopende en komende zaken door te spreken. Zomaar wat vanuit het niets gaan kletsen? Niet zo effectief. Je kunt beter van tevoren nadenken over de inhoud van een gesprek:

  • Aanleiding: Waarom wordt het gesprek gevoerd?
  • Doel: Wat wil je bereiken?
  • Onderwerpen: Wat wil je bespreken?
  • Acties of afspraken: hoe ga je na het gesprek verder?
Wat moet je doen
  1. Plan een datum en tijdstip voor een werkoverleg.
  2. Denk eerst even goed na over het te voeren overleg. Je kunt jezelf bijvoorbeeld afvragen:
    • Ben jij tevreden over het werk van de afgelopen tijd?
    • Zijn er werkzaamheden die anders moeten?
    • Welke werkzaamheden moeten worden afgestemd 
  3. Stel een agenda voor het werkoverleg op door de vragen te beantwoorden. Om bij de vragen te komen moet je op ‘Opdracht afronden’ klikken.
Voldoende
  • Je hebt de agenda voor het werkoverleg opgesteld aan de hand van het richtsnoer.
  • Je hebt de agenda tijdig aan je collega’s en/of leidinggevende(n) verstuurd.
tot 60 min.
**
Alle leeftijden

Hoe ging het?

Opdracht gedaan? Top! Beantwoord de vragen die hieronder staan. We raden je aan om de vragen en je antwoorden te bespreken met je begeleider. Daarna kan je hem aan jezelf mailen.


Gebruik maximaal 140 tekens

Alle vragen ingevuld?

Je kunt de antwoorden mailen; een soort bewijs dat je goed op de opdracht hebt teruggekeken. Stuur de antwoorden altijd naar jezelf. Wil je jouw begeleider of anderen informeren? Je kunt meerdere e-mailadressen toevoegen.

Ja, ik verklaar dat ik deze opdracht ook daadwerkelijk heb uitgevoerd. Met andere woorden: ik heb deze opdracht gedaan. De vragen die ik zojuist heb beantwoord, vormen een goede weergave van mijn ervaringen. In een begeleidingsgesprek, ook als dit pas later bijvoorbeeld op school plaatsvindt, ben ik bereid om mijn antwoorden toe te lichten. Mijn werkbegeleider is op de hoogte gebracht van deze opdracht.